Vijf oefeningen rond één terugkerende taak van jezelf. Elke oefening begint met "klaar als ..." en eindigt met controleren. AI stelt voor, jij beslist. De ronde omschrijven, beoordelen, bijsturen en de kaart "zo stuur je bij" uit niveau 1 en 2 gebruik je in elke oefening.

Vooraf: hoe vaste instructies, projecten of een eigen assistent heten en waar ze zitten, verschilt per tool en per versie. De trainer zegt aan het begin wat er in jouw tool kan. Kan het niet, dan gebruik je een startbericht: een vaste tekst in een notitie, die je aan het begin van elk gesprek plakt. De oefeningen werken op beide manieren.

Alle voorbeelden gaan over verzonnen situaties. Geen namen, adressen of gegevens van anderen in instructies, bestanden of gesprekken; gebruik [naam].

Oefening 1: Je eigen vaste instructies

Doel: de assistent laten weten wie je bent en hoe je antwoorden wilt, zodat je dat niet meer elke keer typt.

Klaar als: je instructies onder de tien zinnen zijn, en de assistent ze bij twee testvragen zichtbaar volgt.

Stappen:

  1. Schrijf drie korte delen op papier:
    • Wie: één of twee zinnen over jezelf, alleen wat ertoe doet voor je vragen.
    • Hoe: hoe je antwoorden wilt. Lengte, taal, toon, wel of geen opsommingen.
    • Werkwijze: wat de assistent altijd moet doen. Vragen stellen bij onduidelijkheid, zeggen waar hij niet zeker van is.
  2. Zet de tekst in de vaste instructies van je tool, of in je startbericht.
  3. Test met twee vragen die je vaak stelt. Kijk of de instructies gevolgd worden.
  4. Schrap wat niet werkt of niet nodig is. Korter is beter.

Voorbeeldopdracht (de instructies zelf):

Over mij: ik ben gepensioneerd, doe vrijwilligerswerk bij een wandelvereniging en verzorg het maandelijkse nieuwsbriefje. Ik ben handig met de computer maar geen techneut.

Hoe ik antwoorden wil: kort, in gewoon Nederlands, je-vorm. Geen opsommingen tenzij ik erom vraag. Geen uitroeptekens.

Werkwijze: als mijn vraag onduidelijk is, stel eerst maximaal twee vragen. Zeg erbij waar je niet zeker van bent. Verzin geen datums, prijzen of namen; zet er dan [nakijken] bij.

Testvragen:

Hoe lang moet ik een cake van 24 centimeter bakken?
Schrijf een kort berichtje aan de leden dat de wandeling van volgende week een uur later begint.

Wat je controleert:

  • Is het antwoord kort en in je-vorm? Stelde hij een vraag bij het berichtje (welke wandeling, welke tijd)? Staat er [nakijken] bij de baktijd?
  • Negeert hij iets? Dat gebeurt. Maak die instructie korter en concreter, of stuur bij in het gesprek.

Variant voor wie sneller is: vraag de assistent zelf: "Lees je instructies. Welke zin is onduidelijk of overbodig?" Beslis zelf wat je overneemt.

Oefening 2: Delegeren: wat geef je aan AI, wat niet

Doel: kiezen voor welke taken van jou AI goed is, en voor welke niet. Binnen zijn kunnen is AI sneller en beter; daarbuiten doe je het met AI slechter dan zonder, omdat je op het antwoord vertrouwt. Die grens is grillig en van buiten onzichtbaar (de "jagged frontier" uit het onderzoek van Dell'Acqua e.a., Harvard Business School en BCG).

Klaar als: je lijstje van vijf tot tien taken in drie bakjes staat, en de taak voor je assistent in "AI doet het" of "AI helpt" valt.

Stappen:

  1. Pak je lijstje uit de voorbereidingsmail. Geen lijstje? Schrijf nu vijf dingen op die je regelmatig doet, thuis, voor je hobby of voor de vereniging.
  2. Zet elke taak in één bakje:
    • AI doet het: routine, veel tekst, en jij kunt makkelijk controleren of het klopt. Jij controleert alleen nog.
    • AI helpt: jij maakt de keuzes, AI geeft opties, stelt vragen of maakt een opzet.
    • Zelf doen: oordeel over mensen, gevoelige gesprekken, alles met gegevens van anderen, dingen waar je het plezier zelf van wilt, en alles wat je niet kunt controleren.
  3. Twijfel je bij een taak? Vraag jezelf: "Zou ik een fout in het antwoord zien?" Nee: zelf doen, of AI helpt hooguit met een opzet.
  4. Kijk waar de taak staat die je voor je assistent hebt meegenomen. Staat hij in "zelf doen", kies dan een andere uit de eerste twee bakjes.

Voorbeeldopdracht (om je te laten tegenspreken):

Hier is een lijst van taken die ik regelmatig doe, met per taak of ik denk dat AI het kan doen, kan helpen, of dat ik het zelf moet doen. Waar ben je het niet met me eens, en waarom? Let vooral op taken waar ik een fout in jouw antwoord niet zou opmerken.

[plak je lijstje met de drie bakjes]

Wat je controleert:

  • De assistent zal geneigd zijn te zeggen dat hij veel kan. Jij beslist. Verplaats alleen een taak als je de reden zelf overtuigend vindt.
  • Staat er iets in "AI doet het" met gegevens van anderen erin? Dat kan alleen als je die gegevens weglaat of anonimiseert.

Variant voor wie sneller is: schrijf bij elke taak in "AI doet het" in één zin hoe je het antwoord controleert. Lukt dat niet, dan hoort hij in "AI helpt".

Oefening 3: Een eigen assistent voor je terugkerende taak

Doel: één taak die je vaak doet vastzetten, zodat hij de volgende keer in één keer bijna goed is.

Klaar als: je zelf invult voor de taak, bijvoorbeeld: "klaar als het nieuwsbriefje in mijn toon staat, onder de 300 woorden, en ik alleen nog de datums hoef na te kijken". En: de assistent haalt dat bij een tweede, nieuwe opdracht in één keer.

Stappen:

  1. Schrijf "klaar als" voor de taak op.
  2. Maak een project of eigen assistent aan in je tool, of een tweede startbericht in je notitie. Schrijf de instructies: context, wat je wilt, hoe het eruit moet zien, en "klaar als". Kort.
  3. Voeg een voorbeeld toe van een goede eerdere uitkomst, als je die hebt en hij geen gegevens van anderen bevat. "Schrijf zoals dit."
  4. Doe de taak één keer met echte input. Stuur bij, één ding per keer.
  5. Alles wat je bijstuurde en de volgende keer weer zou zeggen: zet het in de instructies.
  6. Doe de taak nog een keer, met nieuwe input. Is het in één keer bijna goed, dan is de assistent klaar.

Voorbeeldopdracht (de instructies van de assistent):

Je helpt mij met het maandelijkse nieuwsbriefje van een wandelvereniging. Ik geef je elke maand losse aantekeningen: wat er gebeurd is, wat eraan komt, een mededeling van het bestuur.

Maak daar een nieuwsbriefje van:
- Onder de 300 woorden.
- Mijn toon: hartelijk, gewoon Nederlands, af en toe een grapje, geen uitroeptekens. Voorbeeld van een briefje dat ik goed vond staat hieronder.
- Vaste volgorde: terugblik, komende wandelingen, mededeling, afsluiting.
- Datums, tijden en plaatsen neem je letterlijk over uit mijn aantekeningen. Ontbreekt er iets, zet dan [nakijken].
- Namen van leden schrijf ik zelf erin, jij gebruikt [naam].

Klaar als ik alleen nog de datums hoef te controleren.

Voorbeeld van mijn toon:
[plak een eerder briefje, zonder namen]

De opdracht van deze maand:

Aantekeningen oktober: wandeling bij het meer was nat maar gezellig, 14 mensen. Volgende maand twee wandelingen: zaterdag de 8e bos, zondag de 23e dijk. Bestuur: contributie blijft gelijk. Nieuwe leden welkom, eerste keer gratis mee.

Wat je controleert:

  • Lees het hele briefje. Klinkt het als jij? Staan de datums er letterlijk in? Staat er iets in wat jij niet gezegd hebt?
  • De tweede keer: hoeveel moest je nog bijsturen? Minder dan de eerste keer is het doel.

Variant voor wie sneller is: maak een tweede assistent voor een andere terugkerende taak, en kijk of je de instructies van de eerste kunt hergebruiken. Wat is per taak anders, wat is altijd hetzelfde?

Oefening 4: Je assistent voor hobby, vereniging of vrijwilligerswerk

Doel: AI inzetten voor iets wat je voor anderen doet, zonder gegevens van anderen te delen.

Klaar als: je één concrete klus hebt gedaan en kunt zeggen welke gegevens je bewust buiten de chat hebt gehouden.

Stappen:

  1. Kies één klus uit je bakjes "AI doet het" of "AI helpt": een uitnodiging, een verslag van een bijeenkomst, een planning voor een activiteit, een uitzoekvraag voor je hobby.
  2. Schrijf "klaar als" op.
  3. Bekijk je input: staan er namen, adressen, gezondheid of geld van anderen in? Vervang door [naam] of een nummer. Twijfel je of je de gegevens mag gebruiken, overleg eerst met het bestuur en doe nu iets anders.
  4. Doe de klus met je assistent uit oefening 3, of met een nieuw gesprek met je vaste instructies.
  5. Lees de uitkomst als mens, namens de anderen voor wie je het doet.

Voorbeeldopdracht:

Ik maak het verslag van de jaarvergadering van onze verzonnen tuinvereniging. Hieronder mijn aantekeningen, met namen vervangen door [voorzitter], [penningmeester] en [lid 1] tot en met [lid 4]. Maak er een kort, neutraal verslag van, maximaal 250 woorden, in de volgorde van de agenda. Besluiten vet. Zet [nakijken] bij alles wat onduidelijk is in mijn aantekeningen.
Ik hou bij hoe mijn tomaten groeien in een kas. Dit jaar krullen de bladeren en worden ze geel aan de onderkant. Wat zijn de drie meest waarschijnlijke oorzaken, en wat kan ik deze week controleren om te zien welke het is?

Wat je controleert:

  • Elke bewering over regels, geld of gezondheid: bij de bron of bij het bestuur.
  • Is er echt niets van anderen in de chat beland? Scrol terug en kijk.

Variant voor wie sneller is: vraag de assistent een checklist te maken van wat je vóór publicatie van een verenigingsbericht altijd nakijkt. Beslis zelf wat erop blijft en zet die checklist in de instructies van je assistent.

Oefening 5: Een nieuwe functie beoordelen

Doel: zelf kunnen zeggen of een nieuwe AI-functie voor jou nuttig is, zonder af te gaan op wat anderen roepen.

Klaar als: je de vier vragen voor één functie hebt beantwoord en een oordeel hebt: nuttig, soms nuttig, of hype voor mij.

Stappen:

  1. Kies één functie: iets nieuws in je tool, of iets waarover je gehoord hebt.
  2. Beantwoord op papier:
    • Welke taak van mij wordt hier beter van?
    • Wat kost het: geld, leertijd, en welke gegevens deel ik ervoor?
    • Hoe test ik het in een kwartier op mijn eigen taak, met "klaar als" vooraf?
    • Wat gebeurt er als het wegvalt? Werkt mijn werkwijze dan nog?
  3. Als je de functie hebt: doe de test van een kwartier. Nu of thuis.
  4. Schrijf je oordeel op, met de reden.

Voorbeeldopdracht (om de test te helpen opzetten):

Ik wil een nieuwe functie van mijn AI-assistent testen: [naam of omschrijving van de functie]. Mijn terugkerende taak is [taak]. Help me een test van een kwartier op te zetten: wat probeer ik, wat vergelijk ik met hoe ik het nu doe, en wanneer noem ik het nuttig? Ik beslis zelf, jij stelt voor.

Wat je controleert:

  • Beloftes in de aankondiging zijn geen resultaten. Alleen je eigen test telt.
  • Vraag 4 is de belangrijkste: een werkwijze die afhankelijk is van één knop, is kwetsbaar.

Variant voor wie sneller is: beoordeel met dezelfde vier vragen een functie die je al gebruikt. Zou je hem opnieuw kiezen?

Thuis, de komende weken

Gebruik je assistent elke keer dat de taak terugkomt. Wat je twee keer bijstuurt, zet je in de instructies. Na een maand: lees je instructies nog een keer en schrap wat je niet meer nodig hebt.